Arbeidstoeleiding

Arbeidstoeleiding in klas 1 en 2


Naast het bieden van een goed diplomagericht onderwijsprogramma is het werken aan arbeidstoeleiding een belangrijk aandachtspunt in het VSO. Wij vinden het belangrijk om voor onze leerlingen een traject uit te zetten gericht op de periode na het onderwijs op OdyZee.


In het eerste schooljaar krijgen de leerlingen SOVA training. Ook is er de mogelijkheid van psycho-educatie. Het doel daarvan is leerlingen bewust te maken van hun sterke- en ontwikkelpunten.


In het tweede schooljaar wordt loopbaanoriëntatie (LOB-lessen) aangeboden. In deze lessen gaan we nadenken over welke keuzes uw kind in en na het VMBO of de HAVO wilt/kunt maken. Ouders worden op verschillende momenten in dit proces betrokken. Om tot een goede keuze te komen vinden we het belangrijk dat de school, de ouders en de leerlingen het doel van de LOB-lessen onderschrijven en zich hiervoor actief willen inzetten.


Ook gaan de leerlingen in het tweede schooljaar ter oriëntatie op bedrijfsbezoek. Iedere klas bezoekt 2 stagebedrijven om inzicht te krijgen in een werkomgeving.




Reguliere en intensieve stage


In de periode maart - april vanaf klas 2 wordt er door de mentor en de CVB gekeken welke leerlingen een reguliere of een intensieve stage zullen gaan lopen. Dit gebeurt op basis van een competentieprofiel gekoppeld aan het ontwikkelingsperspectief van de leerling. Er zal elk schooljaar gekeken worden of de gekozen vorm van stage nog steeds de best passende is.


  • Een reguliere stage is een stage waar de leerlingen stage gaan lopen bij een extern bedrijf. Bij dit bedrijf worden er al bepaalde basisvaardigheden van de leerling verwacht. De leerlingen moeten bijvoorbeeld in staat zijn samen te werken met ten minste 2 personen en vragen durven / kunnen stellen aan minder bekende personen. Een leerling werkt mee in het reguliere werkproces van het bedrijf en zal ook met dit werktempo mee moeten kunnen.
  • Een intensieve stage  is een stage waar de leerlingen zonder al teveel werkdruk zich rustiger kunnen ontwikkelen. De stageplekken vinden veelal plaats in non-profit organisaties. We streven ernaar plekken te zoeken waar extra begeleiding en aanpassingen gedaan kunnen worden t.b.v. de ondersteuningsbehoefte van de leerling. Deze stages zijn in eerste instantie gericht op persoonlijke ontwikkeling om zodiende de taak gerelateerde ontwikkeling te kunnen stimuleren en bevorderen.

Ook is er in sommige gevallen een mogelijkheid om stage te lopen op school of op het terrein van Emergis. Deze vorm van stage valt eigenlijk tussen de reguliere en intensieve vorm in. Op deze manier kunnen we bekijken hoe de leerling dit oppakt om daarna een keuze te kunnen maken tussen een reguliere of intensieve stage.
Bij alle vormen van stage krijgen de leerlingen persoonlijke leerdoelen mee zodat de leerlingen zich blijven ontwikkelen.

Stage in klas 3 en 4
In het 3e en 4e schooljaar lopen alle leerlingen stage. VMBO-B leerlingen lopen 1 tot 2 dagen stage in de week, VMBO-T en HAVO een halve tot 1 dag per week. Elke leerling wordt begeleid door een stagebegeleider van school en een praktijkbegeleider op de werkvloer. Daarnaast onderhoudt de stagebegeleider het contact met de ouders/verzorgers over de stage.

Stagedoelen
  • De stage is op oriënterende basis zodat de leerling inzicht kan krijgen in eigen interesses en (on)mogelijkheden op het gebied van vervolgopleiding, werk of dagbesteding.
  • Het aanleren van arbeidsvaardigheden zoals:
    - Op tijd komen, afspraken nakomen,
    - Je staande houden in een nieuwe omgeving,
    - Omgaan met collega's en autoriteit,
    - Taken uitvoeren.
 
Stage wordt door de meeste leerlingen als prettig ervaren, het is ook een fijne afwisseling van de theorie op school.
De leerlingen worden tijdens hun stage 2 keer beoordeeld door de stagebegeleider en de praktijkopleider. Één keer een beoordeling op de helft van de stage en de eindbeoordeling op één van de laatste stagedagen.
Deze eindbeoordeling wordt in het rapport opgenomen.